Deze website maakt gebruik van cookies
Deze website gebruikt cookies en vergelijkbare technologieën onder andere om u een optimale gebruikerservaring te bieden. Meer informatie
  • Essentieel
Terug naar Orthopedie

Knieprothese

Wordt u in ons ziekenhuis opgenomen voor een operatie aan uw knie, volgens het Rapid Recovery (snel herstel) zorgtraject? Dan is de totale opnameduur (afhankelijk van uw herstel) 2 tot 5 dagen. U bent binnen enkele uren na de operatie alweer op de been.

 

Normaal gesproken maken we een aantal weken voor de operatie een MRI scan van uw knie. Aan de hand van deze scan maken we een specifieke mal, waarmee we tijdens de operatie een optimale positionering van de knieprothese kunnen bewerkstelligen. Het is belangrijk dat de knieprothese exact op de juiste plek geplaatst wordt. Een kleine afwijking kan het functioneren van uw knie al beïnvloeden. Een goede plaatsing is daarnaast belangrijk voor de levensduur van de prothese.

 

Voor de operatie

Nadat de orthopeed met u heeft afgesproken om u te opereren, wordt u aangemeld bij het planbureau en de pre-operatieve screening en maken we een afspraak voor een MRI scan met u. Het planbureau heeft het beste zicht op de wachttijden en zoekt een geschikte datum voor uw operatie.

 

Een afspraak bij de pre-operatieve screening houdt in:

  • Laboratoriumonderzoek (bloedonderzoek).
  • Een consult bij de anesthesie (individuele voorlichting, adviezen en kennismaking). De anesthesist beoordeelt de eventuele noodzaak voor een bezoek aan een internist, cardioloog of longarts. Het is mogelijk dat er nog een longfoto op de afdeling radiologie gemaakt wordt.
  • Een consult bij de ziekenhuisapotheek.

 

De pre-operatieve screening houdt ook in de gaten of alles volgens planning verloopt. Hiernaast wordt met u besproken hoe ná de opname de opvang thuis wilt regelen. Heeft u familie, buren of vrienden die u kunnen helpen? Moet er thuiszorg ingeschakeld worden? Of een tijdelijke opname in een verzorgingshuis?

 

Informatie over bezoek aan anesthesie

Voor de opname en operatie maakt u kennis met de anesthesioloog.

Het gebruik/stoppen van medicijnen rondom de operatie wordt door de anesthesiologie geregeld. Hierover wordt u duidelijk geïnformeerd.

 

Informatie over bezoek aan de ziekenhuisapotheek

Voor uw opname heeft u ook een gesprek met een apothekersassistent van ons ziekenhuis. Hiervoor dient u alle medicijnen mee te nemen die u op dit moment gebruikt (ook de medicijnen die u bijvoorbeeld heeft gekocht bij de drogist). De apothekersassistent kan daarmee een overzicht maken van de medicijnen die u gebruikt. Laat tijdens het gesprek weten voor welke medicijnen u allergisch bent. Uw medicijngebruik wordt afgestemd op de medicijnen die u krijgt tijdens uw opname in het ziekenhuis.

 

Het kan zijn dat uw medicijngebruik voor en/of tijdens opname gewijzigd moet worden. In dat geval neemt de ziekenhuisapotheek contact met u op. Tevens zullen uw huisarts en uw eigen apotheek hiervan op de hoogte worden gesteld.

 

Het is belangrijk dat u goed op de hoogte bent van de medicijnen die u tijdens de opname in het ziekenhuis krijgt. Laat u goed informeren als u medicijnen krijgt voorgeschreven; waarom u deze krijgt en hoe lang u deze moet gebruiken.

 

Gedurende uw verblijf in het ziekenhuis krijgt u tweemaal daags een multivitamine tablet aangeboden.

 

Algemeen advies

  • Neem indien mogelijk iemand mee tijdens uw bezoeken aan het ziekenhuis. De ervaring leert dat ‘twee meer horen dan één’ en u kunt de informatie die u gekregen heeft nog eens met elkaar doorspreken.
  • Bespreek van te voren met uw familie, buren of vrienden wie uw contactpersoon is tijdens de ziekenhuisopname. Wij mogen alleen aan die persoon informatie over u verstrekken, in verband met de bescherming van uw privacy. De contactpersoon kan zo nodig andere familie op de hoogte houden.
  • Schrijf uw vragen op en neem deze mee tijdens uw bezoek aan het ziekenhuis.
  • Neem uw medicijndoosjes mee (géén lege doosjes).

 

Uitnodiging bijwonen groepsvoorlichtingsbijeenkomst

Als voorbereiding op de operatie organiseren wij een groepsvoorlichtingsbijeenkomst. Het is belangrijk dat u deze bijeenkomst bijwoont, zodat u zich goed kunt voorbereiden op de operatie en op de dagen erna. We geven hier informatie over de operatie en de gang van zaken rondom uw verblijf in het ziekenhuis (mobiliseren, revalideren, medewerkers, ontslagmoment, vervolgzorg tips, etc.).

 

U kunt één persoon meenemen naar de bijeenkomst. De voorlichting wordt gegeven door een afdelingsverpleegkundige, een fysiotherapeut en een ergotherapeut. U kunt ook vragen aan hen stellen.

 

Het programma van de bijeenkomst is als volgt:

  • Welkomstwoord door de verpleegkundige;
  • Video vertoning (niet eng of ‘bloederig’, het operatiegedeelte is een animatiefilm);
  • Informatie over fysiotherapie en ergotherapie;
  • Gelegenheid om uw vragen te stellen.

 

Aan de bijeenkomst zijn geen kosten verbonden. Wij zien u graag op de groepsvoorlichtingsbijeenkomst. U krijgt hiervoor een uitnodigingsbrief thuis gestuurd.

 

Een nieuwe knie

Als een kniegewricht ernstig is beschadigd of versleten, is vervanging van het gewricht door een knieprothese vaak de enige oplossing. Elk jaar worden in Nederland vele duizenden knieprothesen geplaatst. Er bestaan ook halve knieprothesen maar meestal wordt er voor een totale knieprothese gekozen, waarbij we het totale gewrichtsoppervlak vervangen.

 

Klachten

Bij een beschadigde of versleten knie heeft u vooral pijn bij (trap)lopen en lang staan. Ook startpijn komt voor. Fietsen geeft doorgaans de minste klachten. In een gevorderd stadium treedt verstijving op; er ontstaat een dwangstand waardoor volledige strekking van uw knie steeds moeilijker wordt. Ook kan zich een X- of 0-beenstand ontwikkelen, waarbij uw knie in toenemende mate moe en instabiel aanvoelt.

 

Oorzaken

Er zijn verschillende afwijkingen die slijtage van het kniegewricht kunnen veroorzaken, zoals kraakbeen en stofwisselingsziekten en kraakbeenbeschadiging door een fractuur. Ook reumapatiënten hebben vaak knieproblemen omdat reuma het kraakbeen aantast. Het kniegewricht raakt hierdoor zo ernstig beschadigd dat vervanging door een knieprothese noodzakelijk is. Meestal is de oorzaak van slijtage echter onduidelijk.

 

Operatie

Bij de beslissing om een knieprothese te plaatsen, is het oordeel van u als patiënt doorslaggevend. U ervaart de klachten, dus u moet uiteindelijk bepalen of u toe bent aan de operatie.

 

De ingreep duurt ongeveer 2 uren en kan plaats vinden onder plaatselijke verdoving (ruggenprik) of onder algehele narcose. Tijdens de operatie verwijdert de chirurg de aangetaste gewrichtsvlakken. Vervolgens wordt met speciale instrumenten het bot aangepast aan de vorm van de prothese, waardoor een goede verankering mogelijk is. Een plastic schijf tussen de metalen delen van de prothese zorgt voor een soepel scharnier. Als de prothese is geplaatst, laat de orthopeed een lokale verdoving in en rondom de knie achter (een LIA, ofwel Lokale Infiltratie Anesthesie) waardoor u na de operatie minder pijn heeft. Na de operatie krijgt u ook nog de nodige pijnstillers.

 

Drain

Tijdens uw knieoperatie kan de orthopeed een drain inbrengen om het bloed en wondvocht uit het operatiegebied af te laten vloeien. Deze wordt de dag na de operatie weer verwijderd.

 

Medicijnen

Door de verminderde doorbloeding en verminderde beweging (en soms door de aanwezigheid van oud bloed) bestaat er een kans op trombose. Dit is de vorming van een stolsel in een bloedvat. Om trombose te voorkomen krijgt u na de operatie medicijnen. Deze zogenaamde bloedverdunners (Xarelto) geven we meestal tot 5 weken na de operatie. De eerste 3 dagen geven we de bloedverdunners als injectie. Het gebruik/stoppen van medicijnen rondom de operatie wordt geregeld door de anesthesiologie. Hierover wordt u duidelijk geïnformeerd.

 

Als u al bloedverdunnende tabletten (Sintrom of Marcoumar) gebruikt, vertellen wij u wanneer u hier voor de operatie (tijdelijk) mee moet stoppen. Na de operatie wordt uw bloed regelmatig gecontroleerd. De injecties en de tabletten kunnen tegelijk worden gebruikt en de verpleegkundige vertelt u hoeveel tabletten u moet innemen. Na ontslag zal de trombosedienst u weer (wekelijks) controleren en bepalen hoeveel tabletten u moet nemen en wanneer de injecties stoppen.

 

Ook geven we u rondom de operatie antibiotica om het risico op een infectie zo klein mogelijk te maken.

 

De eerste dagen na de operatie zorgen we uiteraard voor goede pijnstilling. Om een duidelijk beeld te krijgen over het verloop van de pijn en om te weten of de pijnbehandeling voldoende is, vraagt een verpleegkundige regelmatig naar uw pijn. Het is belangrijk dat u zelf aangeeft hoeveel pijn u ervaart.

Als u het lastig vindt om uw pijn te benoemen, kunt u dit aangeven met een cijfer. Dit noemen wij de pijnscore. Hierbij wil het cijfer 0 zeggen dat u helemaal geen pijn heeft, dat de pijn bij cijfer 3 dragelijk is en bij 10 dat u de ergste pijn heeft die u zich kunt voorstellen. Een medewerker van het pijnteam komt elke dag langs om eventueel de pijnmedicatie aan te passen.

 

Dik been

We zien vaak dat het geopereerde been zwelt door vochtophoping (oedeem vorming). Dit vocht trekt langzaam weg in de komende maanden. De verpleegkundige geeft u hiervoor een tijdelijke kous of zwachtel om zwelling van het been zoveel mogelijk tegen te gaan

 

Leven met een knieprothese

Na plaatsing van een knieprothese zullen de pijnklachten langzamerhand verdwijnen en is de loopfunctie sterk verbeterd. Knieprothesen zijn tegenwoordig van hoogwaardige kwaliteit en we werken voortdurend aan perfectionering. Desondanks kan een knieprothese los gaan zitten, maar de kans hierop is klein. Vaak is dan het plaatsen van een vervangende prothese nog wel mogelijk. Tegenwoordig is bij meer dan 90 procent van de uitgevoerde operaties na 15 jaar nog geen vervanging van de knieprothese nodig.

 

In sommige gevallen kan een infectie elders in het lichaam (bijvoorbeeld een kaakabces) leiden tot ernstige infectie rond de knie prothese. Daarom moet u altijd uw behandelend arts of tandarts informeren over uw knieprothese. Ook als er grotere ingrepen, zoals bijvoorbeeld een wortelkanaalbehandeling, gedaan moeten worden. Wanneer u binnen 3 maanden na de knieoperatie een bezoek aan de tandarts brengt, is het ook raadzaam om dit te bespreken.

 

Van opname tot ontslag

Op de afgesproken tijd verwachten wij u bij de verpleegafdeling 4A. Wij brengen u vervolgens naar de kamer of zaal gebracht waar u komt te liggen.

Zo spoedig mogelijk volgt een opnamegesprek over uw gezondheid, medicijngebruik en gewoonten die van belang zijn om u goed te kunnen begeleiden en verplegen tijdens uw opname. Eventueel wordt er door de orthopeed nog een röntgenfoto en/of bloedonderzoek afgesproken voor de operatie.

De verpleegkundige geeft u informatie over het tijdstip van de operatie en verloop van de dag. Tevens bespreekt ze het gebruik van de bloedverdunnende medicatie (ter voorkoming van trombose).

 

Verder verwachten wij van u:

  • Dat u thuis alles heeft geregeld (thuiszorg of opvang door familie etcetera).
  • Dat u uw medicijndoosjes meebrengt (géén lege doosjes).
  • Dat u krukken of rollator meebrengt naar het ziekenhuis.
  • Dat u de verpleegkundige inlicht over eventuele veranderingen die zijn ontstaan met betrekking tot uw persoonlijke situatie (bijvoorbeeld ziekte, andere medicijnen etcetera) tussen uw voorbezoek aan het ziekenhuis en de opnamedag.

 

Eten en drinken voor de operatie

Als u wordt geopereerd moet u tijdig stoppen met eten, drinken en roken.

Wordt u ’s ochtends voor 12.00 uur geopereerd, dan mag u:

  • Vanaf 0.00 uur ’s nachts niet meer eten (en niet meer roken).
  • Tot 6.00 uur ’s ochtends alleen nog heldere dranken drinken.
  • Na 6.00 uur ’s ochtends niets meer nemen.

 

Wordt u geopereerd in de middag na 12.00 uur, dan mag u:

  • Vanaf 0.00 uur ’s nachts niets meer eten (en niet meer roken).
  • Tot 10.00 uur ’s ochtends alleen nog heldere dranken drinken.
  • Na 10.00 uur ’s ochtends niets meer nemen.

 

Heldere dranken zijn vloeistoffen waar u doorheen kunt kijken zoals water, appelsap, limonade en thee met of zonder suiker. Géén koolzuurhoudende frisdranken of alcoholhoudende dranken.

 

Voorbereidingen op de operatie

  • U krijgt operatiekleding aan.
  • U krijgt een polsarmbandje om met uw naam en geboortedatum. Deze moet u omhouden tot ontslag.
  • (Indien nodig) scheren we het operatiegebied voor u.
  • 30 tot 60 minuten vóór de operatie krijgt u medicijnen als voorbereiding op de narcose/ruggeprik.
  • Voordat u de medicijnen inneemt gaat u nog naar het toilet zodat uw blaas zo leeg mogelijk is.
  • Wanneer u de medicijnen heeft ingenomen, mag u niet meer uit bed.

 

De operatie

  • U wordt op de afgesproken tijd naar de operatie kamer gebracht.
  • U ligt onder een thermodeken om uw lichaam zo goed mogelijk op temperatuur te houden.
  • Hier stapt u over op de operatietafel.
  • U krijgt een infuus, een operatiemuts op en plakkers op uw borst, zodat we tijdens en vlak na de operatie uw hartritme in de gaten kunnen houden.
  • U krijgt gedurende de operatie mogelijk een blaaskatheter.

 

Uitslaapkamer

  • Na de operatie blijft u nog enige tijd op de uitslaapkamer.
  • Uw contactpersoon wordt gebeld.
  • Als de anesthesist toestemming geeft, mag u weer terug naar de afdeling.

 

Terug op de afdeling

  • Hier controleren we regelmatig uw bloeddruk en polsslag.
  • De verpleegkundige controleert het infuus, blaaskatheter, en wond.
  • Als u niet misselijk bent, mag u weer eten en drinken.
  • Als u pijn heeft of misselijk bent, is het belangrijk dat u dit meteen aangeeft. De verpleegkundige kan u daar iets tegen geven.

 

Rapid recovery

Op de dag van de operatie komt de fysiotherapeut bij u langs om te starten met de mobilisatie, uw knie te oefenen en u doet een poging om de eerste passen te zetten. U mag en kunt op uw geopereerde been staan!

 

Vroeg beginnen met mobiliseren heeft een aantal voordelen. Het gaat verslapping van de spieren rondom de knie tegen. Daarnaast wordt de kans op complicaties, zoals longproblemen en doorliggen, kleiner. Tot slot geeft het u zelfvertrouwen als u direct uw nieuwe prothese kunt belasten.

 

De fysiotherapeut komt regelmatig langs. Draag daarom de dag na de operatie gemakkelijk zittende kleding. Van de fysiotherapeut en de verpleegkundige krijgt u tips om op een goede manier in en uit bed te komen.

 

U kunt met ontslag als de wond droog is, de knie 90 graden buigt en de pijn dragelijk is en u zichzelf weer kunt redden. Na een bepaalde periode bekijken we in hoeverre de functie van de knie zich herstelt. In enkele gevallen is de aantasting van het kniekapsel dermate ernstig dat de beweeglijkheid van de knie niet voldoende kan worden bereikt. Soms is het dan nodig de knie onder narcose door te bewegen om de revalidatie te bevorderen. Sommige patiënten houden enige tijd last rondom de knieschijf, maar vaak verdwijnen deze klachten geleidelijk.

 

Dagen na de operatie

U mag zichzelf voor zover u kunt wassen, de verpleegkundige helpt u met wat u niet zelf kunt. De drain, dit is het slangetje wat vaak in het wondgebied is achtergelaten om wondvocht af te voeren, wordt verwijderd. Ook wordt uw bloed gecontroleerd, afhankelijk van de hoeveelheid bloedverlies tijdens of vlak na de operatie krijgt u een bloedtransfusie. De eerste dagen in het ziekenhuis krijgt u een injectie tegen trombose. Thuis gaat u over op tabletten.

 

U kunt alvast de evaluatie- en ontslagvragen invullen en met de verpleegkundige doornemen wat er nog geregeld moet worden. Als het nodig is wordt tijdens de opname door de verpleegkundige thuiszorg geregeld en afspraken gemaakt over het verwijderen van de hechtingen.

 

Fysiotherapie

De fysiotherapeut komt dagelijks langs. Per keer zal hij of zij bekijken wat er geoefend wordt en hoe vaak per dag. In principe begint u te oefenen met een looprekje. Vervolgens leert u lopen met uw eigen krukken. Ook het traplopen wordt geoefend. U krijgt oefeningen die u meerdere malen op een dag moet uitvoeren en waarbij u uw knie onder andere buigt en strekt. Thuis kan uw eigen fysiotherapeut u verder begeleiden.

 

Ergotherapie

De ergotherapeut komt één dezer dagen langs. Hij of zij leert u hoe u thuis met krukken licht huishoudelijk werk en/of uw hobby kunt uitvoeren. Ook wordt aandacht besteed aan hoe u met hulpmiddelen sokken en schoenen zelf kunt aantrekken.

 

Medicijnen

Voordat u met ontslag gaat heeft u een gesprek met een medewerker van de ziekenhuisapotheek. Die zorgt ervoor dat uw eigen apotheek goed is geïnformeerd over uw medicijngebruik tijdens de opname in het ziekenhuis. Ook regelen zij dat u na opname de antistolling medicatie, volgens afspraak, kan ophalen of laten brengen.

 

Het ontslag

U mag met ontslag als aan onderstaande voorwaarden wordt voldaan:

  • Uw knie moet 90 graden kunnen buigen;
  • De wond moet droog zijn;
  • U moet uzelf met krukken of rollator kunnen redden;
  • De pijn moet dragelijk zijn.

 

Het ontslag wordt samen met de verpleegkundige geregeld. De verpleegkundige

heeft hierover overleg met de fysiotherapeut en de orthopeed.

 

U krijgt van de verpleegkundige de nodige papieren mee en een afspraak mee voor controle na 6 weken bij de specialist. De hechtingen (nietjes en/of draadjes) worden verwijderd door de wijkverpleegkundige of de huisarts op de 14e  dag na de operatiedatum.

 

Mocht de thuiszorg ingeschakeld worden dan komt de wijkverpleegkundige 2 keer bij u thuis. De eerste keer is voor controle van de wond. De tweede keer is de 14e dag na de operatiedatum om de hechtingen te verwijderen (als dit in een weekend of op een feestdag valt, wordt het de eerstvolgende werkdag).

 

U kunt iemand vragen om u op te halen. Het tijdstip van ontslag is tussen 9.30 en 10.00 uur. In verband met nieuwe geplande opnames op de afdeling, stellen wij het op prijs dat u tussen genoemd tijdstip wordt opgehaald.

 

Adviezen voor de eerste periode na de operatie

Wij geven u een aantal adviezen zodat u zich na de operatie zoveel mogelijk zelf kunt redden. Voor de meeste adviezen geldt dat u ze de eerste 2 tot 3 maanden na de knieoperatie kunt toepassen. Voor een aantal adviezen geldt dat u zelf mag bepalen wanneer u hiermee ophoudt. Bij twijfels kunt u altijd contact opnemen met de afdeling ergotherapie of fysiotherapie.

 

Algemeen

De kans dat uw knieprothese los gaat zitten is klein. U mag dus alle bewegingen weer maken. Ook is het belangrijk dat u de knie blijft buigen. Er zijn een aantal punten waar u op moet letten:

  • Het is verstandig de eerste 6 weken niet extreem te draaien in de knie;
  • Hurk niet door de knieën;
  • Ga niet op de knieën zitte;
  • Voorkom dat u valt.

 

Staan

U mag staan zonder steun. Als u staat, op beide benen evenveel steun nemen, voeten recht naar voren laten wijzen, knieën lichtjes gebogen. Niet te lang achterelkaar staan en afwisselen over de dag.

 

Zitten

Een hoge wc, bed en stoel vergemakkelijkt het gaan zitten. U kunt bij de thuiszorg een toiletverhoger en klossen (om het bed te verhogen) lenen.

Tip: Ga thuis op een hoge stoel met armleuningen zitten; zo kunt u makkelijk opstaan.

 

Lopen

Bij het lopen plaatst u altijd eerst uw geopereerde been naar voren. Bij het omdraaien moet u kleine stapjes maken en niet op de hakken draaien. Om iets mee te kunnen nemen is het toegestaan om in huis kleine stukjes met één kruk te lopen, in overleg met de fysiotherapeut of ergotherapeut. Hierbij dient u de kruk aan de zijde te houden die niet geopereerd is.

 

Traplopen

  • Trap op: eerst het goede been een trede hoger plaatsen, vervolgens het geopereerde been en de kruk op deze trede bijplaatsen.
  • Trap af: eerst de elleboogkruk een trede lager plaatsen, dan het geopereerde been op deze trede plaatsen en vervolgens met het goede been bijplaatsen.

 

In- en uit bed gaan

U mag zelf bepalen aan welke kant u in en uit bed gaat.

 

Lichte huishoudelijke activiteiten en/of hobby's

Wassen en aankleden

Over het algemeen kunt u zich vrij snel weer zelf wassen en aankleden. Het is verstandig dat u zich de eerste tijd zittend gaat douchen, wast en kleedt. Onder de douche kunt u een plastic tuinstoel of een stevige kruk met 4 poten zetten. Het is belangrijk dat u al in het ziekenhuis probeert of u zichzelf weer kunt wassen en aankleden.

Tip: Leg een antislipmat op de grond, hiermee voorkomt u uitglijden.

 

U mag bukken en dus zelf uw sokken en schoenen aantrekken. Het kan echter zijn dat u de eerste weken niet goed bij uw voeten kunt komen. In dat geval kunt u hulpmiddelen gebruiken om toch zelf uw sokken en schoenen aan te trekken. Hulpmiddelen die u kunt gebruiken bij het aan- en uitkleden:

  • Sokken/kousaantrekker;
  • Pantyaantrekker;
  • Verlengde schoenlepel (voor het aan- en uit trekken van uw schoenen en het uittrekken van uw sokken);
  • Elastische schoenveters, (hiermee kunt u van veterschoenen tijdelijk instapschoenen maken, samen met de lange schoenlepel kunt u zodoende uw schoenen aan- en uittrekken zonder hulp);
  • Helping hand (voor het oprapen van voorwerpen vanaf de grond).

 

Tip: Voornoemde hulpmiddelen kunt u uitproberen via de afdeling Ergotherapie. Het aanschaffen van de hulpmiddelen kan onder andere via de Thuiszorgwinkel of via Dantuma orthopedisch instrumentmakerij, Thialfweg 17 te Heerenveen.

 

Autorijden

De eerste 6 tot 8 weken na de operatie is in het been een verminderde reactiesnelheid aanwezig. Hierdoor kan het autorijden bemoeilijkt worden. Op zich dient iedereen zelf te gaan bepalen wanneer hij/zij het autorijden wil hervatten.

Tip: Zet de auto een eindje van de stoeprand af, zodat u niet te ver door de knieën hoeft als u gaat zitten. Leg eventueel een kussen op de autostoel. Bij het instappen dient u eerst te gaan zitten, voordat u de benen in de auto doet. Leg een plasticzak of vuilniszak op de autostoel, dit schuift gemakkelijker. Voor het uitstappen geldt hetzelfde, maar dan in omgekeerde richting.

 

Wandelen en fietsen

Wandelen en fietsen is meestal op den duur, net als voor de operatie, weer normaal mogelijk. Zolang u nog met krukken loopt, kunt u beter niet zelf fietsen. Het kan wel zijn dat de fysiotherapeut u fietsen op een hometrainer heeft aangeraden. U mag 6 weken na de operatie, in overleg met uw eigen fysiotherapeut, zelf bepalen wanneer u de krukken niet meer gebruikt. Meestal loopt u tot de eerste controle bij de specialist (± 6 weken na de operatie), buitenshuis met twee krukken.

 

Sporten

Een aantal sporten zijn met een nieuwe knieprothese weer goed mogelijk. Zwemmen, dansen, fietsen, tennis en golf bijvoorbeeld. De eerste 6 weken wordt sporten u echter ontraden.

Deze website maakt gebruik van cookies
Deze website gebruikt cookies en vergelijkbare technologieën onder andere om u een optimale gebruikerservaring te bieden. Meer informatie
  • Essentieel
Contact
Ziekenhuis Tjongerschans Thialfweg 44
8441 PW Heerenveen
0513 - 685 685
Polikliniek Lemmer Van Rijgersmapark 1
8531 JA Lemmer
0514 - 568 200
Orthoradius, locatie Sportstad Abe Lenstraboulevard 23B
8448 JA Heerenveen
0513 - 685 335
Polikliniek Steenwijk Mr. Zigher ter Steghestraat 9
8331 KG Steenwijk
0513 - 685 245
De Werf Sluisdijk 30
8501 BZ Joure
0513 - 685 5819